Actueel op GymPOWER Sportmagazine
Home » Actueel » Gedroomd succes Nederlandse turnsters blijkt niet haalbaar op WK in Montreal
Gedroomd succes Nederlandse turnsters blijkt niet haalbaar op WK in Montreal
Screenshot Youtube video GoPro2Day

Gedroomd succes Nederlandse turnsters blijkt niet haalbaar op WK in Montreal

MONTREAL – De kwalificatieronde op de Wereldkampioenschappen in Montreal, Canada, is voor de Oranjeturnsters niet het gedroomde succes geworden dat alom verwacht werd na de geslaagde missies van Team Nederland in 2015 en 2016. Het eerste WK na de Spelen van Rio de Janeiro die de nieuwe Olympische cyclus richting Tokyo 2020 opent, heeft zich ontpopt als een ongekend enerverend toernooi dat veel shockmomenten oplevert door zowel de voor vele favorieten tegenvallende resultaten als het groot aantal blessures. De Nederlandse dames hebben zich niet aan die malaise kunnen onttrekken en eindigden in tegenstelling tot de heren in mineur zonder een finaleplaats. 

De turnliefhebbers zagen de Nederlandse sterren als Olympisch kampioen Sanne Wevers en publiekslieveling Eythora Thorsdottir sneuvelen op hun sterkste toestellen. Met ook Lieke Wevers en Tisha Volleman in de gelederen, leek Nederland op voorhand sterke troeven in huis te hebben om minstens enkele toestelfinales te behalen. De meerkamp had ook gekund, maar daarvoor had minstens één van de turnsters op alle vier de toestellen moeten turnen. Het is moeilijk te zeggen waar het precies aan gelegen heeft dat de prestaties van de Oranjeturnsters niet voldoende waren, maar het ligt in ieder geval in de combinatie met een sterke concurrentie in grote vorm op hoog niveau.

Ondanks dat zij als regerend Olympisch kampioene één van de favorietes was, lukte het Sanne Wevers dit keer gewoonweg niet om op balk, te midden van de beste specialisten ter wereld, op het moment suprême een overtuigende topoefening neer te zetten. Zelf legde ze later aan de media uit dat ze zich pas daarna bewust was dat ze bepaalde elementen en verbindingen was vergeten. Haar optreden kreeg van de strenge jury niet meer dan 12,733 punten. Thorsdottir turnde haar zelfs voorbij met 0,1 punt meer, maar uiteindelijk was dat ook niet genoeg voor een finaleplaats. Team Nederland diende protest in tegen de toegekende E-scores, maar dit mocht niet baten. Thorsdottir en  SanneWevers eindigden respectievelijk op een teleurstellende dertiende en veertiende plaats. Lieke Wevers viel tijdens haar oefening van de balk en eindigde op de 55ste plaats met 11,166 punten. Verliezen hoort ook bij sport en als topsporter moet je dit ook weten te incasseren.

Op vloer hielp de inmiddels wereldberoemde elegantie van Thorsdottir haar ook niet om een finaleplaats te behalen. De toegekende score van 13,033 punten leverde slechts een achttiende plaats op en die klassering was ver verwijderd van de vloerfinale. Op brug turnde Sanne Wevers zich naar een achttiende plaats met 13,800 punten. Wie het dichtst bij een finaleplaats kwam en de beste prestatie leverde voor Nederland, was de benjamin van het team, Tisha Volleman, met name op sprong. Met twee prima sprongen (14,466/13,900) lukte het haar om 14,183 punten op het scorebord te zetten en een negende positie op dit toestel te bereiken. Daarmee hield ze veel grote namen achter zich en benaderde ze een finaleplaats op 0,166 punten na. Geen onverdienstelijke prestatie op dit wereldniveau. Hopelijk blijft de Nederlandse delegatie in Montreal tot en met de toestelfinales komend weekend, want Volleman staat eerste reserve. Met alle blessures op dit WK vooralsnog nog geen onmogelijke positie. Als er één van de acht finalisten zich afmeldt vóór de finale op zaterdag, doet Volleman mee.

Voor buitenlandse waarnemers geeft het resultaat dat Nederland bij de dames op dit WK behaalde en de gevolgde strategie, te denken. Er is door alle vier turnsters alleen op enkele toestellen geturnd, terwijl de klus van de Olympische kwalificatie (en eventuele deelname) door meerkampers opgeknapt zal moeten worden. Deze routiniers hebben hun best gedaan in Montreal en hier alles gegeven wat ze konden brengen, maar het resultaat toont aan dat Nederland zich niet op het successen in het verleden moet (blijven) vastpinnen en al de aansluiting vanuit de jongere generaties richting de Spelen van Tokyo 2020 en van Parijs 2024 aan het bewerkstelligen moet zijn. De Nederlandse gymnastiekunie zou al in Monreal hebben kunnen investeren in de aanstormende talenten die stapsgewijs internationaal het stokje kunnen overnemen op termijn. Van belang is om een goede basis en structuur bij elke club in het hele land te realiseren, alsook een breed algemeen landelijk traject dat alle trainers en talenten de kans geeft zich onder kundige begeleiding te ontwikkelen en zich voor te bereiden op het opvolgen van de succesvolle turnsters van de vorige Olympische cyclus. Dit zou op termijn meer continuïteit en betere resultaten voor Nederland opleveren.

Artikel © GymPOWER Sportmagazine | Tekst en verslag © Juka Rosales met een bijdrage van © Theresa Beijn | Screenshot Youtube video GoPro2Day