Actueel GP nieuws
Home » GP Actueel » Team U.S.A. wint met overmacht WK-finale bij de dames
Team U.S.A. wint met overmacht WK-finale bij de dames
Screenshot Livestream © FIG Gymnastics: erepodium teamfinale WK turnen Doha 2018

Team U.S.A. wint met overmacht WK-finale bij de dames

DOHA – Team U.S.A., bestaande uit Simone Biles, Morgan Hurd, Kara Eaker, Riley McCusker en Grace McCallum, boekte zoals verwacht op dinsdag 30 oktober 2018 een eclatante zege in de teamfinale van de Wereldkampioenschappen damesturnen. Met 171,629 punten en bijna negen punten voorsprong braken ze elk record. Rusland (162,863) en China (162,396) legden beslag op de andere twee medailles door de rest van de ijzersterke concurrentie slim en strategisch af te troeven. Het verschil dat bepaalde welke kleur hun medaille werd, was weer bizar klein: 0,467 punt. Het verschil tussen nummer drie en nummer acht bedroeg circa drie punten. Een mooi kijkspektakel voor het bedroevend klein aantal toeschouwers die het zich hadden kunnen permitteren om aanwezig te zijn in de Aspire Dome in Doha, Qatar. Alle drie landen zijn dik tevreden, want hiermee sleepten ze ook de eerste drie teamtickets binnen voor de volgende Olympische Spelen. Dat scheelt een hoop stress voor het WK van 2019 en het verdere traject richting Tokyo 2020.

Vooraf wisten turnkenners dat er geen team opgewassen was tegen het turngeweld van het Amerikaanse vijftal als zij op volle kracht zouden turnen. Dat deden ze ook en op elk toestel zag je ze fraaie hoogstandjes turnen, wat bij vriend en vijand bewondering oogstte. Op alle vier toestellen behaalde Team U.S.A. de hoogste teamscore. Biles was ongenaakbaar op sprong met een score van 15,500 punten voor één van de heftigste sprongen uit de damesturngeschiedenis tot nu toe.  De foutjes, in dit geval zelfs van wereldkampioenen Biles (op balk!) en Hurd (op vloer), werden knap weggepoetst in het immer niet aflatend teamwork met topscores voor oefeningen op hoog niveau. Bijzonder was dat Biles na de wedstrijd in haar commentaar het behalve over de blijdschap om de goede teamprestatie, het ook over die foutjes had. Ze waren zich er van bewust en gingen weer de trainingshal in om er aan te werken en het te perfectioneren.

De wedstrijd ging eigenlijk om welk team die twee andere medailles zou grijpen, wat beslist werd op de vierkante cm per toestel door de beste strateeg. Halverwege leek het er zelfs op dat het team van het turngekke Brazilië – geleid door de voormalige Amerikaanse bondscoach met Russische roots Valeri Liukin – voor een grote verrassing ging zorgen, maar die luxe was nu nog een maatje te groot. Op sprong gaven Rebeca Andrade (14,633), Jade Barbosa (14,600) en Flavia Saraiva (14,433) een mooi visitekaartje als team af. Op de toestellen brug en balk haperde er over de hele linie te veel aan hun oefeningen en uitvoering, waardoor het team kopje onder ging. Op dit niveau kun je je geen enkele fout permitteren als het niet opgevangen kan worden in het team met hoge scores. Met 159,830 punten belandde Brazilië op de zevende plaats, net voor het team van Duitsland (159,428), dat het erg moeilijk kreeg op de balk en op vloer.

Rusland met de van moederschapsverlof teruggekeerde, voor velen Queen Aliya Mustafina en China met o.a. Liu Jinru streden tot op het laatst een fel duel uit om de andere twee medailles. Uiteraard hadden ze liever het teamgoud gewild, maar Team U.S.A. verslaan lijkt vooralsnog onbegonnen werk, zeker weten tot voorbij de Spelen van 2028 in Los Angeles. Dus moest er hard gewerkt worden om dat andere eremetaal veilig te stellen. Cadeau kregen ze het niet, want alle andere landenteams in deze WK-finale waren geduchte tegenstanders die alles in de strijd gooiden en niet bepaald voor de statistieken turnden. Canada onder de bezielende aanvoering van Elsabeth Black eindigde op de vierde plaats met 161,644 punten, op circa driekwart punt verwijderd van het erepodium.

Vlak daarachter volgde het veelbelovende team van Frankrijk – het traject naar Parijs 2024 -, dat met name op balk (12,566 punten voor Melanie de Jesus dos Santos) en vloer (11,466 punten voor Louise Vanhille) te veel punten liet liggen, om mee te kunnen doen om de knikkers (161,294). Niettegenstaande bedroeg het verschil met het erepodium slechts een puntje. Team Japan oogde stralend en fris, maar klaarde de klus met drie meerkampers die zich derhalve geen enkele misser konden permitteren. Hun zesde plaats uit de kwalificatieronde behouden met twee punten minder (160,262) was in dit geval eigenlijk een knap staaltje turnpower. Met deze positie hebben ze zich sowieso nog een jaar tijd gekocht om het allemaal op tijd op een rij te krijgen voor het WK 2019 in Stuttgart, om dat teamticket voor Tokyo 2020 veilig te stellen. Maar dat hebben meer landen gedaan in Doha al haalden ze de teamfinale niet. Zoals Nederland.

Voor nu is het nog eerst de individuele WK-finales afkijken, met donderdag Naomi Visser in de meerkamp en zaterdag Sanne Wevers op balk (en Epke Zonderland op rek). De complete en definitieve uitslagen zijn te vinden op de website van de FIG. Twee weken lang turnen in luxe-oord Doha, het houdt voorlopig niet op.

Artikel © GymPOWER | Tekst © Therry da Silva | Credit beelden: screenshot en video’s Instagramaccount © FIG Gymnastics